hond rij 1

HOND IN DE POT

Elke Oost-Azië-ganger kan het je vertellen: in een land als Zuid-Korea, Vietnam of China zie je op straat kraampjes met een geroosterde hond aan het spit. Of je kunt er een kooi zien met honden die er in wachten tot ze worden opgegeten. In de cultuur van deze (en andere) landen normaal of op zijn minst geaccepteerd.  In onze Nederlandse samenleving is het eten van hond taboe.

Schaatser Jan Blokhuijsen maakte tijdens de Olympische Spelen 2018 in Zuid-Korea met zijn Nederlandse kijk op de hond als huisdier, een opmerking over de slechte behandeling van de Koreaanse honden. Hij kreeg een aantal Koreanen over zich heen: “Racisme”, “gebrek aan respect voor de Koreaanse cultuur”. Het geeft aan dat je met de ene culturele achtergrond heel anders tegen het eten van hond aankijkt dan met de andere.  Laten we ons eens verplaatsen in de geest van een hindoe uit India. De koe is voor hen heilig. In een heel aantal Indiase deelstaten is het verboden om een koe te doden of zelfs maar op te jagen. Nog in 2018 werd een niet-hindoe die een koe had geslacht, gelyncht. Als deze hindoe in Nederland komt? Hier slachten we elk jaar ruim 1,6 miljoen kalveren en nog ruim 600.000 volwassen runderen.  Voor ons ‘heel normaal’, voor de Indiase hindoe taboe. En is het dan heel normaal om wel het vlees te eten van kalf, big, lam, konijn of kuiken maar niet van een hond?

 

RECEPT groene mosterd voor bij de 'hotdog'

 

 

 

In de tentoonstelling Gruwelijk lekker in het Nederlands Openluchtmuseum laten we zien dat het eten van hond in Nederland niet altijd een taboe was. Archeologen van het Groninger instituut voor Archeologie groeven in de wierde van Wierum in Groningen, hondenbotten op uit de late IJzertijd, ca 250 voor Christus, met snij- en haksporen. Het vlees was opgegeten, luidde de conclusie. De botten zijn in de tentoonstelling te zien net als de tekening van een grafveld uit Oosterbeintum in Friesland dat van niet veel later dateert. Meerdere mensen en honden zijn hier door elkaar begraven. De archeologen concluderen dat de honden met evenveel respect ter aarde zijn besteld als de mensen. Niks hondenvlees eten! 


We laten ook een prent zien van de hongersnood tijdens het beleg van Leiden in 1574. Een kind bijt op een stuk hout. Een dooie rat ligt klaar als ingrediënt. Maar in het centrum van de prent staan ook twee volwassen mannen te trekken aan een hond. Overduidelijk dat het beest zal worden opgegeten. Ook uit het begin van de 80-jarige oorlog dateren de hondenbotten met slacht- en snijsporen gevonden in Eindhoven. Net als Leiden werd Eindhoven belegerd en uitgehongerd. Ook daar at de bevolking de honden en katten op. Er was niks anders meer.

 

 

 

Kortom door de tijd heen en dan vooral in tijden van schaarste, at ook de Nederlandse bevolking hondenvlees. Die 80-jarige oorlog is wel héél lang geleden. Eten we sindsdien geen hond meer? In de winter van 1944-1945, de Hongerwinter, verdween in de Randstad de helft van alle huisdieren. Een flink aantal ging dood omdat er ook voor de dieren geen eten meer was. Een ander deel belandde echter in de pot en daarna op de eettafel. Henk Mos, een Arnhemse jongen die na de evacuatie in september 1944 in Leiden belandde en daar tulpenbollen moest eten bij gebrek aan aardappels, verwoordt het zo: “als je het geluk had in die tijd, dat je een stukje vlees kon bemachtigen, hetzij van een hond of van een kat, dan had je het helemaal voor mekaar…“ Ook het gefilmde interview met Henk is te zien in de tentoonstelling Gruwelijk lekker.

 

Leendert van Prooije
Wetenschappelijk medewerker

 

 

hongersnood leiden

Hongersnood onder de Leidenaren
Prent collectie Rijksmuseum