Prent 'Nederland en zijn gasten'

Prent Braakensiek uit 1917

Prent Eerste Wereldoorlog rij 1

Op 28 juni 1919 werd in de Spiegelzaal van het Kasteel van Versailles het verdrag getekend dat officieel een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog tussen Duitsland en de geallieerden. Precies vijf jaar eerder was na de moord op de Oostenrijkse troonopvolger Frans Ferdinand en zijn vrouw deze oorlog in alle hevigheid losgebarsten.

Toen op 11 november 1918 de wapenstilstand werd uitgeroepen, was de oorlog met recht een wereldoorlog te noemen. Hoewel de oorlog in Europa begon, mengden landen van over de hele wereld zich in het conflict, van de Verenigde Staten tot Japan. Ook koloniën werden in de strijd betrokken. Nederland verklaarde zich echter neutraal. Waar in de buurlanden België en Duitsland hevig gevochten werd, was het in Nederland relatief rustig.

Deze neutraliteit betekende niet dat er in Nederland niets te merken was van de strijd. In 1914 werden zo’n 200.000 mannen gemobiliseerd om, vaak ver van huis, de Nederlandse grenzen te bewaken. De zuidelijke provincies kregen te maken met een stroom van Belgische vluchtelingen die onderdak en voedsel nodig hadden, en de handel met het buitenland werd steeds verder ingeperkt.

Wandbord Eerste Wereldoorlog
Wandbord van De Porceleyne Fles (N.3101.E)

 

De objecten die het Nederlands Openluchtmuseum in de loop der jaren heeft verzameld laten zien dat het in Nederland niet business as usual was. Zo heeft het museum drie verschillende ansichtkaarten in de collectie die uitgebracht zijn door de Nederlandsche Anti-Oorlog Raad (NAOR). De NAOR was de grootste pacifistische beweging in Nederland en werd op 8 oktober 1914 opgericht in Den Haag met als doel deze oorlog zo snel mogelijk te beëindigen met een vrede die niet tot nieuwe oorlogen zou leiden. 

De Porceleyne Fles gaf tijdens en na de oorlogsjaren wandborden uit die een beeld geven van de destijds heersende stemming. Op een bord uit 1914 staat de tekst: ‘De storm breekt los’, terwijl op een bord uit 1918 ‘De dageraad begint te blinken’ te lezen is.

Een prent van Johan Braakensiek, die in oktober 1917 als bijvoegsel bij het weekblad De Amsterdammer verscheen, toont de voedselschaarste naarmate de oorlog vorderde en heeft als onderschrift: ‘Nederland: “Schiet er nog iets voor mij over?”’

Prent Eerste Wereldoorlog Braakensiek
Prent van Johan Braakensiek uit 1917 (N.37251)

 

Niet alleen in de collectie, maar ook op het museumterrein is de impact van de Eerste Wereldoorlog op het leven van Nederlanders terug te zien. Vanwege de tekorten aan levensmiddelen in de omringende landen werd het smokkelen van goederen voor sommige Nederlanders een lucratieve bezigheid. De Duitse autoriteiten in bezet België wilden hieraan een einde maken en de grens met Nederland hermetisch afsluiten. Dit deden ze door ‘draden des doods’ te plaatsen, versperringen die onder spanning werden gezet. In het Openluchtmuseum is zo’n dodendraad nagebouwd achter de boerderij uit Budel.

Naarmate de oorlog vorderde, werd de import van goederen steeds verder beperkt. Brandstof en levensmiddelen gingen ‘op de bon’. Ook nadat de wapenstilstand in november 1918 werd afgekondigd, bleef er in Nederland lange tijd een groot tekort aan levensmiddelen. In de collectie bevinden zich distributiebonnen, die tot ver in 1919 uitgegeven werden. Pas na het tekenen van de Vrede van Versailles werden economische blokkades opgeheven en kon Nederland weer vrij handelen. Toch zou het nog een tijd duren voordat producten als brandstof weer vrij verkrijgbaar waren. 

Dodendraad in het Nederlands Openluchtmuseum
Nagebouwde dodendraad in het Openluchtmuseum (AA 199211)

 

Detailinformatie


Naam: Prent ‘Nederland en zijn gasten’
Inventarisnummer: N.37251
Vervaardiger: tekenaar Johan Coenraad Braakensiek, Amsterdamsche Boek- en Steendrukkerij v.h. Ellerman, Harms & Co. en weekblad De Amsterdammer
Datering: oktober 1917
Plaats: Amsterdam
Materiaal: Papier
Klik hier voor meer informatie over de prent

Brandstofbonnen uit de Eerste Wereldoorlog
Brandstofbonnen uit 1918-1919 (N.14789)