muZEEum onderdeel Canon van Nederland

muZEEum onderdeel Canon van Nederland

Het Zeeuws maritiem muZEEum maakt vanaf donderdag 11 april officieel onderdeel uit van het Canonnetwerk. Ane Nauta, voorzitter van Stichting Maritiem Museum Zeeland, en oud-premier Jan Peter Balkenende kregen het symbolische Canonschild uitgereikt door Teus Eenkhoorn, directeur Nederlands Openluchtmuseum. 

Het Canonnetwerk is een netwerk van Nederlandse musea en erfgoedinstellingen die samen de vijftig ‘vensters’ van de Canon van Nederland vertellen. De Canon van Nederland kent momenteel drie vensters die door het Zeeuws maritiem worden verteld: Michiel de Ruyter, de VOC en de slavernij. 

Michiel de Ruyter: de grootste zeeheld
Michiel Adriaenszoon de Ruyter wordt in de Gouden Eeuw redder van het vaderland genoemd. Zijn rol in zeeslagen bepaalt het lot van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Bestevaêr is zijn koosnaam: beste vadertje – omdat hij zo goed is voor zijn bemanning. De Ruyter is zoon van een zeeman, later bierdrager. In zijn tijd is het bijzonder als je van eenvoudige kwajongen uit Vlissingen opklimt tot admiraal. 

Anna van Gelder. Zakenvrouw uit Vlissingen
In 1652 trouwt Michiel de Ruyter met de Vlissingse Anna van Gelder, zijn derde vrouw. De twee houden veel van elkaar. Hij schrijft haar uitgebreide brieven als hij op zee is. Zij gaat met hem mee op belangrijk bezoek, bijvoorbeeld naar raadspensionaris Johan de Witt. Van Gelder is een zakenvrouw. Zij regelt alle financiële zaken van de Ruyter aan de wal, zorgt voor scheepsbevoorrading en betaalt de zeemansvrouwen.

Het Wiel van Michiel
Het verhaal gaat dat Michiel de Ruyter als opstandige jongen van school is gestuurd. Hij wil varen. Dus gaat hij in dienst bij de rijke Vlissingse reder Cornelis Lampsins. Als arme jongen moet hij onderop beginnen: op de lijnbaan, als touwslagersleerling. Als Michiel elf jaar is, gaat zijn diepste wens in vervulling: hij mag als bootsjongen mee naar zee. 

Vlaggenschip De Zeven Provinciën 
De Zeven Provinciën is het bekendste oorlogsschip van de Gouden Eeuw. Het speelt een grote rol in veel zeeslagen, zoals de Tocht naar Chatham. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en Engeland strijden in de zeventiende eeuw om handels- en zeeroutes. 
Tijdens de zeeslag bij Chatham in 1667 breken Nederlandse schepen door een zware ketting op de zeebodem en verslaan zo de vijand. Dit leidt tot de Vrede van Breda. Engelse schepen worden als buit mee naar huis genomen.

Leven op de VOC-schip Rooswijk
Meer dan 250 jaar lagen de objecten op de zeebodem. Het is een wonder dat ze zo goed bewaard zijn gebleven. Het mosterdpotje is gevonden met de lepel er nog in. De bril is compleet met een setje lenzen. Dit waren luxe voorwerpen in bezit van de officieren op het schip. Onderwaterarcheologie leert ons veel over het leven aan boord tijdens de lange zeereizen. 

Een Zeeuws slavenschip. Delisabetgaly
Vanaf de achttiende eeuw speelt Zeeland een grote rol in de slavenhandel. Vanuit de havens van Middelburg en Vlissingen varen schepen uit de lijken op het model van Delisabetgaly uit 1762. Ze gaan naar West-Afrika om mensen te kopen. De slaaf gemaakte personen worden naar Amerika gebracht en daar verkocht. Ze moeten voor hun nieuwe eigenaren werken op plantages. De schepen keren naar Europa terug met handelswaar.

Bekijk de topstukken ook op de website van het Canonnetwerk

 

muZEEum


 

Delen