Column: Wolf en Wolvennet

header

Rij 1 Column: Wolf en Wolvennet

Wolf & Wolvennet


Ik kan me van alles voorstellen bij de onrust over de wolf bij de schapenboeren. Zij weten het nog niet zo met die wolf. Fok je nou schapen om daarna uit te kiezen welke je verkoopt en voor hoeveel, of laat je de wolf de keus maken en zie je wel wat je overhoudt ? Een boer heeft graag de regie in eigen hand, daarom ben je toch boer, ik weet het antwoord wel. 


In 2017-2018 heeft onze overheid namens ons allemaal voor 134 dode schapen een schadevergoeding betaald. Ze vonden aantoonbaar de dood na een aanval door een wolf. In 2016-2017 werd voor 21 schapen betaald. De wolf rukt op, vooral in het oosten van het land.  Tot nu toe is de wolf nog niet westelijker gekomen dan de lijn Zeewolde, Amersfoort, Buren.


De natuurontwikkelaars zijn er heilig van overtuigd dat de wolf eigenlijk geen mensen zal aanvallen. De laatste 50 jaar zijn er -voor zover bekend- in Europa, Rusland en Amerika 17 mensen gedood door een wolf. De kans om slachtoffer te worden in het verkeer is dus een stuk groter. Alleen al in Nederland zijn in diezelfde 50 jaar zo’n 70000 verkeersslachtoffers gevallen. Maar voelt het nou toch op een of andere manier anders?

Historische wolvenschade van vroeger wordt vaak gemeld in de winterperiode. Er is dan voor de wolf minder voedsel en ze wagen zich dichter bij de mensen. Ook de waarnemingen van de laatste wolven uit de 19e eeuw (daarna zijn ze tot 2011 niet meer in Nederland gezien) deed men in de winter. Je stelt je er onze voorouders bij voor die vanuit hun krakkemikkig boerderijtje op een koude winteravond in de verte de wolven horen huilen en huiveren.


Vroeger…  Er is een reeks heel interessante maar ook angstaanjagende archiefstukken uit de omgeving van Roermond uit 1810. Een hele reeks aan bestuurders, van Minister via Burgemeester tot Prefect schreef elkaar brieven om verslag te doen van een slachtpartij die tussen 1 augustus 1810 en 7 juli 1811 rond Roermond door wolven werd aangericht. 9 kinderen, de oudste was bijna 9 werden gedood en grotendeels opgegeten en 7 kinderen, de oudste was 17 raakten gewond. 

 

De hele omgeving was in rep en roer. “Gezien de zeer grote urgentie en de grote risico's die de bevolking loopt door de wreedheid van de wolven, die is toegenomen sinds zij mensenbloed hebben geproefd”, worden er drijfjachten georganiseerd tussen Rijn en Maas. Daarvoor worden meer dan 4000 mannen opgetrommeld. Een beperkte groep met geweren en de meeste mannen met ‘knuppels en gaffels’. De jagers schieten gedurende het jaar ook inderdaad wolven. Ook worden er wolven gevangen in een wolvenkuil.

Dat is een verborgen kuil waar de wolf wordt ingelokt met aas en waaruit hij niet meer kan ontsnappen.Vanaf juli 1811 is het gevaar blijkbaar weer geweken. Er vallen vanaf dan geen slachtoffers meer. Maar het moet gezegd. De grote wolvenjachten hield men meestal ’s zomers. Waarschijnlijk was het leefgebied van de wolven in de natte wintertijd veel moeilijker begaanbaar dan in de zomer.  


Het Openluchtmuseum heeft in zijn collectie een net dat speciaal is gemaakt voor de wolvenjacht. Het is een net van stevig touw dat 44 meter lang is en 1,50 hoog. (Ook volgens de huidige wetenschap is 1,5 meter hoog genoeg om een wolf tegen te houden…) Het werd bewaard op de zolder van het gemeentehuis in Cuyk en kwam tevoorschijn als de inwoners weer werden opgetrommeld om wolven te jagen. Bij een drijfjacht versperden de jagers de wolven met zo’n net de weg. Een serie van die netten bij elkaar, kon de wolven in de hoek drijven waar de jagers ze wilden hebben. Om ze te schieten natuurlijk en om de dode wolf daarna in te leveren bij het bevoegd gezag en de premie te incasseren. 


Het zou me niks verbazen als de schapenboeren van nu ook weer zo’n premie zouden willen uitloven. Maar ja, de regels van nu zijn niet de regels van toen en er is de laatste 200 jaar geen kind opgegeten … 

 

Luister vanavond maar eens buiten of je niet een wolf hoort huilen.

 

Leendert van Prooije  - Winterconservator