Column: Elfstedentocht

header

Rij 1 Column: Elfstedentocht

IT GIET OAN!

“Dit land waar ik in het verleden
Mijn toekomstdromen vlocht,
Des winters werd er schaats gereden
O, mijn Elfstedentocht”

De melancholische stem van Drs. P bezingt in 1977 in het lied Elfstedentocht uiteraard de Elfstedentocht. Het is een lied over de ouder wordende man wiens krachten afnemen zodat hij de tocht niet meer zal rijden. Maar ook een lied waarin met de profetische woorden “Nu heersen nieuwe, boze krachten, door mensenhand gewrocht” onuitgesproken de vraag wordt gesteld of die Elfstedentocht nog wel weer eens zal komen, immers, “het water blijft maar vloeibaar”.


“8 februari”, zei een maand geleden een schaatsmaat tegen me. Na onze begroeting waren het zijn eerste woorden. Hoewel ik hem al tijden niet gesproken had, wist ik meteen wat hij bedoelde. Ik ken mijn pappenheimers. Als op vrijdag 8 februari 2019 de Elfstedentocht nog niet is verreden, is de langste periode ooit tussen twee Elfstedentochten verstreken. 


Sommige zwartkijkers denken dat er nooit meer een Elfstedentocht komt. Ze denken dat die “nieuwe boze krachten” de klimaatverandering veroorzaken waardoor we nooit meer genoeg vorstdagen zullen krijgen om de Tocht der tochten te kunnen schaatsen.

 

Zwartkijkers zijn het, ik weet het zeker. Hij komt weer, binnenkort. De schaatskoorts zal weer toeslaan. Heel Nederland in rep en roer. Driekwart van Nederland voor de tv, het andere kwart doet in Friesland mee of staat aan te moedigen langs de kant. Wie wint? Geen idee. Wat ik wel weet  is dat veel toerrijders- er zullen er ongeveer 30000 zijn -  hun kruisje willen halen. Ik mijmer over mijn derde…

 

Wat een contrast met 1909 bij de eerste Elfstedentocht. 23 rijders aan de start. 9 die de eindstreep halen. De Revue der sporten van 7 januari 1909 schrijft: “Zulk een tocht te rijden, getuigt van kracht, moed en energie.” De mannen reden op houten schaatsen over fondantachtig ijs. Het dooide, het was mistig en het regende. De Elfstedentocht was vóór 1909 al vaker gereden, maar nooit als georganiseerde tocht.

 

Zo’n toertocht op schaatsen maken, dat was in die tijd al op veel plekken een traditie. Van Rotterdam naar Gouda schaatsen, daar een lange Goudse pijp en spritskoeken kopen en die ongebroken weer terug brengen naar Rotterdam. Daarmee bewees een schaatser dat hij de techniek onder de knie had. 

 

De Friese schaatsers schaatsten bij “honderden en duizenden” naar Leek in Groningen om daar een Leekster tak te kopen en die als souvenir van hun schaatstocht mee naar huis te nemen. De Leekster tak is een wilgentak die omwikkeld

 

is met gekleurd papier waaraan, ook van gekleurd papier, een aantal bloemen is gemaakt. De vrouwen van Leek maakten die takken als bijverdienste: huisvlijt.
Het Nederlands Openluchtmuseum heeft een paar van die takken in de collectie.

 

Het Elfstedenkruisje heeft natuurlijk dezelfde functie als de Goudse pijp en de Leekster tak. De drager ervan laat zien, of eigenlijk schreeuwt zij of hij uit: Ik kan het, ik heb 200 kilometer geschaatst! Ook de Koning doet dat. Bij zijn inhuldiging droeg Willem Alexander zijn Elfstedenkruisje – dat sinds 2009 een officiële onderscheiding is- rechts in het rijtje op zijn borst.  Gaat de koning weer meedoen als de Elfstedentocht weer gehouden wordt?

 

Of de tocht in Friesland nu wel doorgaat of niet, in het Nederlands Openluchtmuseum gaat hij altijd door. Elk weekend en in de kerstvakantie elke dag, kunnen de bezoekers in het museumpark meedoen aan een tocht langs elf stations en in elk daarvan hoor je weer wat over de Tocht der tochten.

 

 

 

Dus als ik jullie niet in Leeuwarden zie, dan zie ik jullie in Arnhem.

 

 

 

Leendert van Prooije  - Winterconservator