Bloedworst

bloedworst

Bloedworst

Bloedworst

Aan tafel! Bloedworst! Mmmm, lekker, gebakken appeltjes. Het is zaterdagavond 1978. Zoals altijd op zaterdag eten we soep, brood, en iets warms erbij. Bloedworst dus, deze keer.

Voor mijn vader een lekkernij, voor mij een gruwel. Plichtsgetrouw neem ik een stukje bloedworst op mijn vork. Het blokje vet laat ik handig achter op mijn bord. Ik breng het zwart-paarse hoopje naar mijn mond. Nog voordat het mijn mond bereikt, voel ik de weerzin. Ik zet door en voel de korrelige structuur op mijn tong en proef de droge, metalige smaak. Nee, ik weet het opnieuw zeker, bloedworst is echt niet lekker. Maar die appeltjes, heerlijk!

 

Bloedworst roept bij mijn vader de herinnering op aan de herfst: slachttijd. Tot eind jaren '70 is het op het platteland heel gebruikelijk om voor de winter begint een varken te slachten. Het beest is maandenlang met zorg vetgemest. Na de slacht mag niets van het varken verloren gaan. Kop, tong, poten, vlees en vet, alles is eetbaar. Het bloed wordt opgevangen en tot bloedworst verwerkt. Omdat bloedworst slecht houdbaar is, komt deze al snel na de slacht op tafel. Een echt herfstgerecht. 

 

VIDEO: VEGA BLOEDWORST

 

 

 

 

Is het echt de smaak die me tegenstaat, of het idee om bloed te eten? Je kunt er in ieder geval niet om heen: bloedworst is gemaakt van bloed, varkensbloed. Het warme bloed is na de slacht opgevangen in een grote bak. Iemand heeft het bloed flink geroerd om te voorkomen dat het stolt. Daarna is het gemengd met kruiden, spek, zwoerd, zout, gemalen restvlees en meel. Die massa is in een darm gepropt en in heet water gegaard. Gebakken in boter of reuzel krijgt de plak bloedworst een krokant korstje en een smeuïge binnenkant. Voor sommigen hemels, voor anderen gruwelijk.

 

Weerzin tegen het eten van bloed kent een lange geschiedenis. Joodse regels over eten van voor onze jaartelling vertellen zelfs dat het eten van bloed verboden is. Vroege christenen nemen deze spijswet over. In de tijd van Karel de Grote (rond 800) staat op het eten van bloed een straf van dertig dagen boete doen. De christelijke kerk beschouwt de consumptie van bloed in die tijd als een teken van kwalijke wreedheid en verachtelijk gebrek aan ontwikkeling. Een geslacht dier hoort leeg te bloeden voordat het de pan in gaat. Christenen laten zo zien dat zij beschaafd zijn en de bloed-etende, niet-christelijke bevolkingsgroepen niet.

 

 

 

Maar echt weerzin tegen het eten van bloed voel ik niet. In Nederland wordt jaarlijks ca. 7000 ton varkensbloed verwerkt in voeding. Bij bloedworst, bloedbrood of bloedijs weet je dat je bloed eet.  Maar bloed wordt ook gebruikt in pudding, biscuit en brood. Bloed wordt gebruikt  als bindmiddel in surimi ‘nepkrab’ of om kleine stukjes mals vlees aan elkaar te plakken tot een ‘nepbiefstuk’. Gruwelijk? Eh, niet zo erg als bloedworst. 

 

Het is een zaterdagavond in 2019. Vlees eet ik niet meer zo vaak. Op mijn bord ligt een donkere schijf. Er liggen gebakken appeltjes naast. Voor deze 'bloedworst' is geen varken leeggebloed. De schijf is gemaakt van zwarte en witte rijst en wat smaakmakers.  Ik neem een stukje op mijn vork en breng het zwarte hoopje naar mijn mond. Ik ben benieuwd naar de smaak. Ik voel de korrelige structuur op mijn tong, een beetje droog. Ik proef een vleugje kaneel. Deze 'bloedworst' smaakt prima. Maar vooral die appeltjes, heerlijk!

 

 

Carianne van Dorst
Wetenschappelijk medewerker